Foto: Alexander Stein, via Pixabay CC0 1.0.
Groot deel schuldenaars kan inderdaad niet terecht bij hulpverlening
5 oktober 2018 Flóri Hofman

Positieve berichten over de Nederlandse economie zijn er in overvloed en de economie groeit gestaag. Toch zijn schulden voor veel Nederlanders nog een groot probleem – en ook de hulpverlening daarbij, constateert CDA-Tweede Kamerlid René Peters. ‘Een op de drie mensen in de schulden kan om verschillende redenen niet terecht bij de schuldhulpverlening’, aldus Peters. En inderdaad, hij heeft grotendeels gelijk.

Bewering

Een op de drie mensen in de schulden kan niet terecht bij de schuldhulpverlening.

oordeel: waar

Bron van de bewering

Tweede Kamerlid en oud-wethouder van Oss René Peters deed zijn uitspraak op de site van Omroep Brabant van 13 september: ‘Hulp bij schulden door gemeenten moet beter: ‘Het probleem is enorm’’. Het artikel constateert dat gemeenten steken laten vallen bij de wettelijk verplichte schuldhulp die zij aan burgers dienen te bieden. ‘De schuldenproblematiek is enorm’, stelt Peters. ‘We geven jaarlijks miljarden uit om mensen te begeleiden, maar het is niet effectief.’ Vervolgens beweert hij dat  een op de drie mensen in de schulden geen toegang hebben tot hulp.

Waarom klopt dit?

Volgens Peters worden in de gemeentelijke  schuldhulpverlening ‘drie groepen mensen gediscrimineerd: ZZP’ers, fraudeurs en recidivisten.’ ZZP’ers hebben vaak een veelvoud aan schuldeisers, vertelt Peters. Zij mogen daarom op individuele grond worden afgewezen, omdat hun casus te ingewikkeld wordt. Onder de tweede groep – de fraudeurs – vallen in strenge gemeenten mensen die een fout hebben gemaakt in hun belastingaangiften.

Peters: ‘Zo’n foutje kan iemand met een IQ van 90 natuurlijk best maken – ik maak zelf ook wel eens zulke fouten bij mijn belastingaangifte en ik heb volgens mij een hoger IQ dan 90.’ Recidivisten zijn mensen die ooit in de schuldsanering hebben gezeten, eruit komen en weer terugvallen. Ook deze groep mag geweigerd worden door de gemeente. ’Dat is toch raar? Dat soort mensen hebben de hulp juist extra hard nodig.’

De Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs) verplicht gemeenten om burgers met financiële problemen op verschillende manieren te helpen. Peters baseert zich op het rapport  ‘Knellende schuldenwetgeving’ uit juni 2018, waarin staat dat gemeenten verschillende bevoegdheden hebben om invulling te geven aan hulpverlening, preventie en nazorg. Het rapport constateert dat ’30 tot 50 procent van de mensen die zich aanvankelijk melden voor schuldhulpverlening, gaandeweg het toegangsproces afvalt.’ Deze cijfers worden bevestigd door een recent rapport (‘Een open deur?’) van de Nationale ombudsman.

Peters’ bewering komt dus overeen met gegevens uit onderzoek. Hij zit zelfs aan de conservatieve kant met zijn cijfers, want het aantal mensen met schulden dat niet bij hulpverlening terecht kan is zelfs een derde tot de helft.

Hoewel Peters zijn uitspraak deed in een duidelijke context – gemeentelijke schuldhulpverlening – is zijn formulering vrij breed. Hij spreekt immers over ‘mensen in de schulden’.

Toch zijn er duidelijke signalen dat veel meer mensen met risicovolle of problematische schulden kampen dan degenen die aankloppen bij de gemeente. Het rapport ‘Huishoudens in de rode cijfers’ uit 2015 constateert dat Nederland bijna 1,4 miljoen huishoudens telt die zich in de risicovolle of problematische schulden bevinden. Daarvan zijn slechts 193.000 huishoudens geregistreerd bij de officiële schuldhulpverlening. Dit betekent dat 1,2 miljoen huishoudens met schulden niet geholpen worden. Of zij niet bij de hulpverlening kunnen aankloppen of niet willen aankloppen is onbekend – hierover zijn geen cijfers beschikbaar. Wel is duidelijk dat meer dan één op drie risicovolle of problematische schuldenaren zich niet in de schuldhulpverlening bevindt.

Conclusie

Tweede Kamerlid René Peters beweerde dat een op drie mensen in de schulden niet terecht kan bij de gemeentelijke schuldhulpverlening. Hij vermeldt hierbij dat het gaat om mensen die zelf aankloppen bij gemeentelijke hulpverleningstrajecten, maar om verschillende redenen worden geweigerd. De cijfers uit twee rapporten ondersteunen dit inderdaad. Deze laten zien dat 30 tot 50 procent van de mensen die aanspraak doen op schuldhulpverlening, gaandeweg het toelatingsproces wordt geweigerd. We beoordelen de bewering daarom als waar.

Een voetnoot hierbij is wel dat Peters’ uitspraak niet álle Nederlanders in de schulden omvat. Het percentage Nederlanders dat zich in de schulden bevindt en geen hulp krijgt, is veel groter.

Bronnen

  • Nadja Jungmann, Tamara Madern, Roeland van Geuns & André Moerman (2018) Knellende schuldenwetgeving. Hogeschool Utrecht, Hogeschool Amsterdam.
  • Florieke Westhof, Lennart de Ruig & Annejet Kerckhaert (2015) Huishoudens in de rode cijfers 2015. Over schulden van Nederlandse huishoudens en preventiemogelijkheden. Panteia.
  • Annemarie Tuzgöl-Broekhoven, e.a. (2018)  Een open deur?  Een onderzoek naar de toegang tot de gemeentelijke schuldhulpverlening. Nationale Ombudsman, rapportnummer: 2018/010.