De VVD wil dat vormfouten hersteld kunnen worden. Maar dat kan al lang
9 februari 2017 Joost Kroon
Student master Journalistiek en Nieuwe Media, Universiteit Leiden (2016/2017).
Kasper van Alphen
Student master Journalistiek en Nieuwe Media, Universiteit Leiden (2016/2017).

De VVD zegt in haar verkiezingsprogramma dat vormfouten van het Openbaar Ministerie en de politie hersteld moeten kunnen worden. Opsporingsblunders van het OM en de politie mogen niet tot vrijspraak van criminelen leiden, is het idee. Maar vormfouten kunnen al worden hersteld. Wat bedoelt de VVD? En hoe relevant is hun voorstel?

In het VVD-verkiezingsprogramma staat onder het kopje ‘Justitie’:

Wij willen dat vormfouten van het OM en de politie hersteld kunnen worden.

Vormfouten

Wat is een vormfout precies? Er is sprake van een vormfout als er fouten zijn gemaakt in het vooronderzoek van een strafzaak. Als die zijn gemaakt, kan de rechter daar tijdens de zaak van de verdachte consequenties aan verbinden, zoals strafvermindering of het uitsluiten van bewijs.

Neem de zogeheten Eindhovense ‘kopschopperszaak’. In 2013 mishandelde een aantal jongens iemand op straat. Videobeelden daarvan, waarop de daders te herkennen waren, werden door de politie op televisie en internet verspreid. De rechter vond dat hiermee de privacy van de daders op een zware manier geschonden was, en dat stond niet in verhouding met de ernst van het misdrijf. Ze kregen daarom minder lange celstraffen dan werd geëist.

Universitair docent strafrecht aan de Erasmus Universiteit Joost Nan, licht toe. “De zwaarte van het politie-onderzoek moet altijd in verhouding staan tot het delict dat je aan het opsporen bent. Het wordt bijvoorbeeld gedoogd dat je vijf hennepplanten in huis hebt. Bij zes planten ben je fout bezig, maar is het niet gerechtvaardigd dat de politie je hele huis overhoop haalt. Het tonen van de videobeelden werd door de rechter een te zwaar middel geacht, omdat bijvoorbeeld ook zogeheten ‘stills’ getoond hadden kunnen worden.”

Onterecht verspreide beelden

Vormfouten worden beoordeeld door een rechter. In het ergste geval wordt het OM niet ontvankelijk verklaard. De hele zaak wordt daarmee feitelijk weggegooid, en de dader gaat vrijuit. Dit komt echter zelden voor. “Het OM moet dan bewust het recht op een eerlijk proces hebben gefrustreerd”, aldus Nan.

Strafvermindering komt vaker voor. De kopschoppers werden uiteindelijk schuldig bevonden, maar omdat ze werden opgespoord aan de hand van de onterecht verspreide beelden, vielen hun straffen lichter uit. Dat komt doordat het verspreiden van de beelden niet meer te herstellen was, legt Nan uit. “De voorwaarde om een fout af te straffen is dat de fout niet meer hersteld kan worden, dat is het wettelijke uitgangspunt.”

Wettelijke regeling

Deze procedure is sinds eind 1996 wettelijk vastgelegd. Al meer dan twintig jaar is het dus mogelijk om aan de hand van dit artikel vormfouten te constateren, maar ook waar mogelijk te herstellen. Daarvoor pakte een vormfout vaak niet in het voordeel van een verdachte uit. Er waren wel zaken waarbij bijvoorbeeld onrechtmatig verkregen bewijs werd uitgesloten, maar die waren eerder uitzondering dan regel.

Dat er nu een wettelijke regeling is die bepaalt wat er met vormfouten gebeurt, betekent niet dat verdachten aan de lopende band vrijuit gaan. Nieuwscheckers zocht dit uit aan de hand van statistieken van het CBS, de enige bron die relevante gegevens beschikbaar had. Evengoed waren er geen concrete cijfers beschikbaar over vormfouten. We keken daarom naar het totale aantal keer dat het OM niet ontvankelijk is verklaard, want dat was wel te achterhalen.

Een belangrijke nuance is dat het OM niet alleen bij vormfouten niet-ontvankelijk kan worden verklaard. Als een verdachte al eerder voor hetzelfde is vervolgd, of de verjaringstermijn is verstreken, kan het OM ook met lege handen komen te staan. In 2015 is het OM in totaal 1360 keer niet ontvankelijk verklaard bij een strafzaak, van een totaal van 102.480 eindbeslissingen.

Het gaat dus om iets meer dan één procent van de gevallen. Bij deze gegevens werd niet vermeld wat de aanleiding was om het OM niet-ontvankelijk te verklaren. Wel weten we dat dit niet meer kan zijn dan ongeveer een procent van de totale beslissingen. Hoe relevant is het voorstel van de VVD dan?

Zelden vrijspraak

In de praktijk is vrijspraak door een vormfout eigenlijk nooit aan de orde. “Ik moet er echt om lachen,” bekent strafrechtadvocaat Job Knoester. “Het komt nauwelijks voor dat vormfouten leiden tot vrijspraak. Lang geleden kwam het nog wel eens voor dat iemand werd vrijgesproken, maar daar is een stokje voor gestoken. Vormfouten hebben vaak helemaal geen gevolgen, alleen in heel uitzonderlijke gevallen.”

Nan beaamt dit. “In lichte zaken staat men wat principiëler ten opzichte van vormverzuim, maar zeker in zware zaken wordt een vormfout al gauw met de mantel der liefde toegedekt. Het maatschappelijk belang van het veroordelen van een crimineel weegt dan zwaarder.”

Reactie VVD

De VVD laat in een reactie weten dat een crimineel altijd straf zou moeten krijgen, en er niet vanwege een vormfout makkelijker vanaf zou moeten komen. Woordvoerster Laura Huisman: “Eventuele vormfouten mogen een effectieve waarheidsvinding en berechting niet in de weg staan en moeten dus hersteld kunnen worden. Dat zou ook moeten voorkomen dat bijvoorbeeld de hoogte van de straf van een crimineel wordt verlaagd ten gevolge van een vormfout.”

Knoester is niet overtuigd door de wens van de VVD. “Vormfouten worden vaak alleen geconstateerd door de rechter, zonder dat er vervolgens consequenties aan verbonden worden.”

Conclusie

In de praktijk valt het dus allemaal wel mee met vormfouten. Het komt zelden voor dat iemand strafvermindering krijgt of op vrije voeten komt door een vormfout. Het voorstel van de VVD is daarom niet bepaald relevant voor de rechtspraak. Knoester: “Dit soort lege politieke uitspraken zijn echt om zieltjes te winnen.”

Update: Via Twitter zijn we gewezen op een onderzoek over vormfouten. Dit betreft echter zaken tussen 1985 en 1994 waarin vormfouten zijn geconstateerd. Het wetsartikel over vormfouten was toen nog niet ingevoerd. Het onderzoek biedt interessante context, maar heeft niet direct betrekking op het standpunt van de VVD.