Bron: minanfotos/Pixabay
Maak je na je 25ste echt geen vrienden meer?
25 september 2018 Fiorella Opromolla
Redacteur Nieuwscheckers

Het circuleert al twee jaar op het internet in diverse talen, maar deze maand pikten ook de Nederlandse Marie Claire en Glamour het op: op je 25ste verlies je de meeste vrienden, of stop je zelfs met vrienden maken. Het blijkt uit een onderzoek naar telefoongegevens uit 2007, maar daar moet je de uitkomst wel flink voor overdrijven.

Bewering

Na je 25ste maak je geen vrienden meer en verlies je de meeste vrienden.

oordeel: onwaar

Bron van de bewering

Eind augustus publiceerde Marie Claire het bericht met de volgende kop: “Op deze leeftijd verlies je de meeste vrienden en zó breng je inspirerende nieuwe contacten tot stand”. Het tweede deel van de kop doelt op een applicatie waarmee je nieuwe mensen kan ontmoeten, zowel voor vriendschappen als relaties, maar het gaat ons om het eerste deel: vrienden verliezen. Marie Claire:

“Waar je vroeger oneindig veel vriendinnen had, kun je tegenwoordig waarschijnlijk jouw échte vriendinnen op twee handen tellen. Op je 25ste verlies je namelijk veel vriendschappen, zo blijkt uit onderzoek van een Finse universiteit en de University of Oxford. (…) Maar al snel na het 25ste levensjaar daalde het aantal vriendschappen. Deze daling zette door tot het 45e levensjaar; zo’n twintig jaar later werd het aantal gesprekken stabiel.”

Volgens de auteur beweren de onderzoekers dat het komt omdat je leven na je 25ste drukker wordt. Je hebt je studie afgerond, werkt, gaat je settelen en daardoor heb je minder tijd voor je sociale activiteiten.

Geen nieuwe vrienden

Glamour gooit het over een andere boeg en kopt: “Onderzoek wijst uit: vanaf ons 25ste stoppen we met het maken van vrienden.” Desondanks staat verderop in de tekst het volgende:

“Uit dit onderzoek blijkt dat we na ons 25e minderen met het maken van vrienden. Een meevaller: ze hebben het over ‘minderen’. Oftewel: we stoppen er niet rigoureus mee. De reden: ons telefoongebruik wordt minder na het bereiken van deze leeftijd. Vanaf je 25e bouwt dat ook alleen maar af.”

Volgens Glamour vinden we het naarmate we ouder worden minder belangrijk om grote vriendengroepen te hebben. Men stopt na het 25ste levensjaar met sociaal verantwoord zijn.

Waarom klopt dit niet?

Zowel Marie Claire als Glamour linken naar een onderzoek van de Aalto University School of Science (Finland) en de University of Oxford. De onderzoekers hebben aan de hand van mobieletelefoongegevens de structuur van sociale netwerken geanalyseerd. Uit eerder onderzoek was namelijk gebleken dat het aantal telefoontjes dat iemand pleegt naar familie en vrienden, gelijk staat aan het aantal face-to-face interacties.

Voor dit onderzoek zijn de telefoongegevens benut van 3,2 miljoen gebruikers van een mobiele provider in een Europees land in 2007. Provider en land blijven ongenoemd. Wel is duidelijk dat er slechts gegevens zijn gebruikt van mensen van wie leeftijd en geslacht bekend waren. Ook is alleen gekeken naar de belgeschiedenis, en zijn sms-jes buiten beschouwing gelaten.

Minder contact

Uit de resultaten blijkt dat zowel mannen als vrouwen op hun 25ste het maximaal aantal contacten bereiken. De daling in de jaren daarna gaat door tot ze 45 worden; daarna blijft het voor tien jaar stabiel. De onderzoekers hebben daar de volgende (mogelijke) reden voor gegeven:

“Younger people are socially more promiscuous, but as they age, they focus more and more of their effort, or social capital, on a smaller subset of meaningful relationships. As it is likely that most of an ego’s first few rank alters are family members, this might suggest that older people become more attached to their family compared with younger people.”

Maar kan je dan ook zeggen dat je helemaal geen vrienden meer maakt, en zelfs vrienden verliest? Dat staat niet in het onderzoek, en lijkt dus een tikkeltje overdreven. Het is wel degelijk zo dat mensen na hun 25ste meer tijd lijken te investeren in waardevolle contacten en familieleden en het aantal maximale contacten wordt bereikt, maar nergens is gezegd dat er geen nieuwe vriendschappen meer worden gesloten na het 25ste levensjaar en mensen rond dezelfde tijd vrienden verliezen.

Kanttekeningen

Bij het onderzoek kunnen bovendien verschillende kanttekeningen worden geplaatst. Allereerst is onbekend uit welk land de belgegevens afkomstig zijn. Is dat wel een land dat representatief is voor de rest van Europa, of zelfs de hele wereld? Dat kan uit de resultaten namelijk niet worden opgemaakt.

En misschien nog wel een belangrijkere kanttekening: de onderzoekers maakten gebruik van belgegevens uit het jaar 2007. Dat was een tijd waarin sociale media nog geen grote rol speelde in ons leven. Inmiddels, 11 jaar later, is het met sociale netwerken als Facebook, Twitter en Instagram een stuk gemakkelijker om contact te onderhouden met anderen. Die factor lijkt niet te zijn meegerekend in het onderzoek, maar is tegenwoordig wel van belang voor vriendschappen. De vraag is echter ook: bellen we nog steeds zoveel als in 2007? Is het aantal telefoontjes nog wel representatief voor het aantal daadwerkelijke contacten dat we hebben?

Conclusie

De koppen die de Glamour en Marie Claire hebben gebruikt, zijn overdreven. Uit het onderzoek blijkt namelijk niet dat je geen vrienden meer maakt na je 25ste, of dat je zelfs vrienden verliest. Er is slechts gekeken naar het aantal contacten dat de mensen hadden. Het is inderdaad zo dat mannen en vrouwen het maximaal aantal contacten bereiken rond hun 25ste, maar bij het onderzoek kunnen ook kanttekeningen worden gezet. Het gaat namelijk om belgegevens uit 2007, en daarbij is geen rekening gehouden met sociale media. Het is dus maar de vraag of de resultaten ook nog representatief zijn voor de tijd waarin we nu leven. Wij beschouwen de claim om bovengenoemde redenen dan ook als onwaar.

Bronnen

Bhattacharya, K. & Ghosh, A. & Monsivais, D. & R.I.M. Dunbar & K. Kaski (2016) Sex differences in social focus across the life cycle in humans. Royal Society Open  Science.  http://rsos.royalsocietypublishing.org/content/royopensci/3/4/160097.full.pdf