‘Nederlander eet nog altijd te zout’, berichtte Telegraaf.nl op 5 oktober 2016. De bron was een onderzoek van het RIVM over de zoutinname van Nederlanders. Ook Nu.nl, Trouw.nl, rtlnieuws.nl en NOS.nl schreven hierover alsof het alle Nederlanders betrof. Maar  zowel het onderzoek als de berichtgeving erover rammelen. Het onderzoek is weinigzeggend: de steekproef is te klein, de deelnemersgroep niet divers en het verschil tussen mannen en vrouwen wordt genegeerd. Waarom dan wel zoveel aandacht? Het RIVM en de media lijken vooral een gezondheidsprobleem op de maatschappelijke agenda te willen zetten.

Let op: Deze factcheck is uitgevoerd op basis van de beschikbare informatie op de datum van publicatie. Lees hier over onze werkwijze.

Het RIVM onderzoekt de zoutinname van Nederlanders om de gezondheid van de bevolking te peilen. Op basis van een steekproef onder 289 inwoners van Doetinchem, concludeerde het RIVM dat Nederlanders in 2015 net zoveel zout aten als in 2006 en dat deze inname nog steeds hoger is dan de geadviseerde hoeveelheid. Maar zegt deze steekproef iets over heel Nederland?

Volgens hoogleraar epidemiologie Marianne Geleijnse (Wageningen University) niet: ”De steekproef is te klein om iets te zeggen over heel Nederland.” Zij plaatst ook andere kanttekeningen bij de methode van het onderzoek: “Nederlandse steden zijn niet met elkaar te vergelijken. Je kunt uitspraken over Doetinchem niet vertalen naar steden als bijvoorbeeld Leeuwarden of Groningen.” Sterker nog: het onderzoek zegt zelf dat de steekproef niet eens representatief is voor Doetinchem.

Bewuste deelnemers

Naast de grootte van de steekproef, valt ook over de samenstelling wat te zeggen. Deelname was vrijwillig en dit brengt volgens Geleijnse een risico met zich mee: ”Vaak doen dan milieubewuste mensen mee die letten op hun eetgewoontes. Laagopgeleide bewoners doen juist niet mee, omdat zij zich bijvoorbeeld schamen of geen belang zien in deelname. De samenstelling van deelnemers is daardoor niet representatief.”

Epidemioloog en voedingsdeskundige prof. Daan Kromhout (RU Groningen) ziet nog een probleem. Door de uitspraak van het RIVM lijkt het alsof mannen en vrouwen even veel zout eten, maar dat is volgens Kromhout niet het geval. Bij mannen is niets veranderd; bij de vrouwen is sprake van een daling. Maar doordat de steekproef te klein is, is deze daling niet significant. Kromhout meent dat het onderzoek deze daling had kunnen aantonen, als de steekproef groter was geweest.

Overhaaste conclusies

Journalisten lijken niet stil te hebben gestaan bij mogelijke kanttekeningen. Een rondje langs de media die het bericht plaatsten, leert Nieuwscheckers dat ze de artikelen grotendeels hebben overgenomen van het ANP en dat geen van de journalisten het RIVM-onderzoek gelezen heeft. De redacties van Telegraaf, Trouw en NOS gaven hiervoor allemaal dezelfde reden: ze zien ANP en RIVM als betrouwbare bronnen en gaan er dus van uit dat de informatie ‘wel zal kloppen’.

De NOS pakte de berichtgeving iets voorzichtiger aan dan de andere media. De redactie had geen tijd om het onderzoek te lezen, maar klakkeloos overnemen was geen optie. Daarom werd minister Schippers geciteerd als toelichting op het onderzoek, een standaardprocedure van NOS.nl. “Om te voorkomen dat we een onderzoek verkeerd interpreteren, vragen we een deskundige, zoals een minister, om een reactie”, zo lichtte de journalist die het stuk schreef toe (hij wilde niet bij naam genoemd worden). Opvallend is wel dat dit wetenschappelijke onderwerp door de politieke redactie werd behandeld en dat minister Schippers niet de aangewezen persoon is om epidemiologisch onderzoek te beoordelen.

Politieke agenda

Hoewel het RIVM-onderzoek dus geen uitspraak over Nederland kan doen, schrijven de media dit wel. Marieke Hendriksen, hoofdauteur van het RIVM-onderzoek, vindt dit geen probleem. Zij verwacht namelijk dat de zoutinname in Doetinchem niet afwijkt van die in de rest van Nederland: ”Hoewel de steekproef te klein is, verwacht ik dat het in Doetinchem niet anders is dan ergens anders. De berichten in de media zijn niet helemaal correct, maar dat is niet erg. De zoutinname in Nederland is nog steeds te hoog.”

Het lijkt er op dat het onderzoek een hoger doel dient dan enkel berichten over de zoutinname van Nederlanders. Het RIVM en de media gebruiken de resultaten als kapstok voor een opvoedende boodschap: eet minder zout. Dat de resultaten van het onderzoek deze boodschap niet direct ondersteunen, lijkt van ondergeschikt belang.

Dr. Willem Koetsenruijter, docent Journalistiek en Nieuwe Media aan de Universiteit Leiden en auteur van het boek Cijfers in het nieuws, begrijpt de bedoelingen van het RIVM. ”De conclusies van het onderzoek kloppen eigenlijk niet, maar voor het doel van het RIVM zijn kloppende cijfers misschien minder belangrijk”, aldus Koetsenruijter.

Opvoedende boodschap belangrijker dan kloppende resultaten

Nieuwscheckers concludeert dat de interpretaties van de media niet overeenkomen met de resultaten van het RIVM-onderzoek. Hoewel deze resultaten het niet toelaten een uitspraak te doen over alle Nederlanders, doen de media dit wel. Het RIVM vindt dit niet erg, omdat het de zoutinname als probleem ziet en daarom wil dat het onder de aandacht komt. Als de media hadden gevraagd om een second opinion, had dat de berichtgeving accurater gemaakt.

Foto: René Gademann (Flickr, CC BY-NC-ND 2.0)

Placeholder-female-2x

Anouk de Bruijn

Student Master Journalistiek en Nieuwe Media (2016-2017)

Profiel-pagina
Placeholder-female-2x

Jeroen Jonkers

Student Master Journalistiek en Nieuwe Media (2016-2017)

Profiel-pagina