De afgelopen weken dook in de Nederlandse media plotsklaps de naam van de mysterieuze Syrische terreurgroep ‘Khorasan’ op. Onder andere het Algemeen Dagblad, Trouw, De Telegraaf en de Volkskrant berichtten meermaals over deze nieuwe angstaanjagende groep ‘Al-Qaida veteranen’ die een ‘even grote bedreiging voor de Verenigde Staten vormen als ISIS’. Nu, ruim drie weken later, is de naam weer net zo snel uit de nieuwskoppen verdwenen als hij was verschenen. Vrijwel niemand blijkt  van deze groep te hebben gehoord. Khorasan heeft alle kenmerken van een hoax.

Let op: Deze factcheck is uitgevoerd op basis van de beschikbare informatie op de datum van publicatie. Lees hier over onze werkwijze.

De naam Khorasan verschijnt voor het eerst in de media op 13 september op de websites van de Volkskrant, Trouw en het AD. Het AD kopt: ‘Terreurcel Khorasan grotere bedreiging voor VS dan IS.’ De berichten zijn gebaseerd op een persbericht van Associated Press (AP). Meerdere anonieme hoge Amerikaanse functionarissen spreken hierin van een ‘acute dreiging voor de VS van een nieuwe terreurgroep, gestationeerd in Syrië’. De groep zou ‘directe en vergevorderde plannen’ hebben ‘om commerciële vluchten aan te vallen met nieuwe, effectievere methoden’.

Kritiek

Op 21 september is er plots een explosie aan berichten over Khorasan. Er verschijnen stukken op de sites van de Volkskrant, het AD, De Telegraaf, Trouw, Het Parool, NOS, ANP en RTL. Aanleiding is een groot artikel in de New York Times dat de groep gevaarlijker noemt dan IS.

Diezelfde dag verschijnt er ook voor het eerst kritiek op de berichtgeving over Khorasan. De Amerikaanse journalist Aron Lund is een van de eersten die op Twitter meldt dat Khorasan helemaal geen eigen terroristische groep is, maar onderdeel van Jabhat Al-Nusra, de Syrische afdeling van Al Qaida. Onder meer MSNBC-correspondent Richard Engel en nieuwswebsite Buzzfeed bevestigen dit diezelfde dag via Twitter.

Terwijl de Amerikanen inmiddels begonnen zijn met het bombarderen van Syrië, met naar eigen zeggen Khorasan als belangrijkste doelwit, blijft de scepsis groeien. Foreign Policy-journalist Shane Harris schrijft een zeer kritisch stuk waarin wordt gesteld dat er volgens zowel Amerikaanse counterterrorisme-officials als president Obama “geen geloofwaardige informatie” is dat de militanten daadwerkelijk een aanval op de VS voorbereiden. Kort daarna presenteert journaliste Jenan Moussa van de Arabische nieuwszender Al Aan TV harder bewijs dat Khorasan inderdaad een onderdeel is van Jabhat Al-Nusra en in feite niet bestaat.

Toch berichten Nederlandse kranten in navolging van de New York Times nog tot 29 september uitvoerig over Khorasan. Meerdere malen worden Amerikaanse officials gequote over het directe gevaar dat de groep vormt voor het westen. Vervolgens valt het even stil.

Pas op zaterdag 4 oktober publiceert de Volkskrant een uitgebreid, sceptisch artikel: ‘Khorasan: zo’n enge groep kwam de VS wel erg goed uit.’ Het stuk stelt de vraag: ‘zijn we er weer ingetuind?’, doelend op een Amerikaans mediaoffensief om bombardementen op een niet-IS strijdgroep in Syrië te legitimeren. Het artikel is gebaseerd op kritiek die in de internationale media dan al tot een hoogtepunt is gekomen.

NRC negeerde Khorasan

De vraag is hoe het kan dat een verzonnen terreurgroep bijna drie weken lang de Nederlandse pers kan beheersen zonder dat daar kritische vragen bij werden gesteld. ‘Een mediahype’, zegt Toon Beemsterboer, buitenlandcorrespondent bij NRC-Handelsblad. ‘Als men zich een beetje verdiept had in het onderwerp, hadden ze kunnen weten dat Khorasan niet bestaat. De Amerikanen zeiden al veel langer dat er terreurgroepen in Syrië actief waren onder de noemer Al-Nusra. Nu hebben ze er heel slim een sexy naampje aan gegeven, waarna er de wildste geruchten de ronde deden.’ NRC deed daarom, als een van de weinige kranten in Nederland, vrijwel niets met het nieuws over Khorasan.

IS-expert en journalist Abdou Bouzerda (VPRO-Radio1 en Vrij Nederland) is ook kritisch: ‘We weten dat er een grote terreurdreiging komt vanuit Syrië. Daar zijn de Amerikanen eigenlijk altijd heel consequent in geweest. Wat er nu is gebeurt, is dat de Amerikaanse veiligheidsdiensten een allang bekende terreurgroep gewoon een nieuwe bijnaam hebben gegeven, die is vervolgens opgepikt door de media en dat is een eigen leven gaan leiden.’ Volgens Bouzerda hadden journalisten zich terughoudender kunnen opstellen. ‘Ik vind het gek dat er veel over geschreven wordt. Er is heel weinig informatie over bekend. Het is zeer glad ijs waar journalisten zich op begeven.’

Reactie AD

Journalist Tobias Den Hartog was een van de journalisten die voor het AD over Khorasan schreef. Hij vindt dat zijn krant verplicht was om iets met het nieuws te doen. ‘Er kwam een waarschuwing van de Amerikaanse luchtvaartautoriteit, dus het werd relevant om over te praten.’ Den Hartog kan zich niet vinden in de kritiek dat zijn krant voorzichtiger had moeten zijn. ‘Ik sta nog steeds achter mijn stuk. Ik heb wel wat over twijfels gelezen, maar ik kon geen gezaghebbende bron vinden die dit ondersteunde. Ik heb het daarom niet meegenomen.’

De berichtgeving over Khorasan lijkt voornamelijk een overschrijfoefening te zijn geweest, waarbij de Nederlandse kranten te weinig eigen bronnen hebben geraadpleegd om het nieuws te controleren. Hoewel er een schaarste aan informatie was, bleken er al snel concrete aanwijzingen te zijn dat er belangrijke delen van het verhaal over Khorasan niet klopten. Nederlandse media hadden dit kunnen en misschien ook wel moeten weten. Toch blijft het een dilemma, denkt ook Bouzerda: ‘De strijd rond Syrië en IS leeft. Ik snap de overweging om hierover te berichten. Maar je moet als journalist uitgaan van de informatie die je gegeven wordt. In dit geval was dat heel weinig. Dan moet je heel voorzichtig zijn.’