Let op: Deze factcheck is uitgevoerd op basis van de beschikbare informatie op de datum van publicatie. Lees hier over onze werkwijze.

Bewering

In Nederland gebruiken 250.000 patiënten langdurig antidepressiva.

Oordeel

Onnauwkeurig.

Bron van de bewering

Op 11 mei 2023 verscheen een nieuw advies van de apothekersorganisatie KNMP voor het verminderen van het gebruik van antidepressiva. Het document was een aanvulling op een eerdere richtlijn uit 2018. Diezelfde dag publiceerde de NOS een artikel over de vernieuwde richtlijn:

De behoefte aan verbetering van het afbouwproces is groot omdat veel mensen antidepressiva gebruiken. Zo slikken 250.000 mensen ze langdurig.”

Dit cijfer komt in veel media voor, zoals het AD en NRC. Ook websites van bijvoorbeeld het Nederlands Huisartsen Genootschap en de Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie noemen het cijfer. Een bron voor dit cijfer wordt nergens genoemd.

Sander Zurhake, auteur van het NOS-artikel, laat per e-mail weten dat het getal gebaseerd is op gesprekken met Christiaan Vinkers (Amsterdam UMC) en Eric Ruhé (Radboudumc), beiden psychiater en onderzoeker. Volgens de onderzoekers krijgen 1,1 miljoen mensen jaarlijks minstens één recept voor antidepressiva. Vervolgens maken 800.000 patiënten gebruik van het recept. Van deze groep gebruiken ongeveer 250.000 personen de medicijnen langer dan een jaar.

Waarom dit onnauwkeurig is

Hoeveel mensen langdurig antidepressiva gebruiken is lastig te checken, omdat er verschillende definities zijn van zowel ‘gebruik’ als ‘langdurig gebruik’.

Over het totale aantal gebruikers bestaat  wel duidelijkheid. In de databank van het Genees- en hulpmiddelen Informatie Project (GIP) staat dat in 2022 1.103.000 patiënten minstens één recept kregen voorgeschreven. De 1,1 miljoen klopt dus. Maar hoeveel gebruiken daarvan langdurig?

Vrijwel de enige bron hiervoor is een onderzoek van de Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK), gebaseerd op data uit 2017. Het onderzoek kijkt alleen naar het gebruik van het meest gebruikte type antidepressivum: selectieve serotonineheropnameremmers (SSRI’s). Bekende voorbeelden hiervan zijn Prozac en Seroxat. SSRI’s beslaan ongeveer de helft van alle in Nederland geslikte antidepressiva. 

In 2017 gebruikten volgens het SFK 480.000 patiënten dit type medicijn. Navraag leert dat dit betekent dat ze binnen 12 maanden minstens drie recepten hebben gekregen. Vervolgens gebruiken 160.000 patiënten deze medicijnen langer dan twee jaar. Dat is 33% procent. 

Om tot een schatting voor alle soorten antidepressiva te komen willen we dit percentage graag toepassen op de gegevens van de GIP.

Maar in hetzelfde jaar waren er volgens de GIP veel meer SSRI-gebruikers, namelijk 540.000. Dit verschil is goed te verklaren op basis van de verschillende definities. Voor de GIP is er maar één recept nodig, voor de SFK minstens 3.

Vermoedelijk kregen 60.000 patiënten dus één of twee recepten voorgeschreven. 

Deze groep van 60.000 patiënten zijn duidelijk geen langdurige gebruikers. Onder de 540.000 gebruikers die geteld worden door het GIP zitten dus waarschijnlijk nog steeds hetzelfde aantal van 160.000 personen dat langdurig een SSRI gebruikt. Zo komen we uit op een iets lager percentage van 30%.

Als we er vervolgens vanuit gaan dat dit percentage voor alle soorten antidepressiva geldt, kunnen we dit combineren met de GIP-data van 1,1 miljoen gebruikers over alle soorten antidepressiva in 2022. Zo komen we uit op 330.000 langdurige gebruikers, 80.000 meer dan de 250.000 in het NOS-artikel.

Deze aanpak komt overeen met die van ziekenhuisapotheker Roeland Vis in het boek Hoe zit het nu echt met antidepressiva dat verscheen in 2021. Hij schreef dit werk samen met Christiaan Vinkers, één van de door de NOS geraadpleegde onderzoekers.

Gebruikers van antidepressiva

Lang niet alle gebruikers van antidepressiva krijgen deze voorgeschreven vanwege een depressie. Ze worden ook voorgeschreven bij tal van andere klachten zoals angststoornissen, slaapstoornissen en spanningshoofdpijn. Bij minder dan de helft gaat het daadwerkelijk om een depressie, schrijven Vinkers en Vis in hun boek. Het onderzoek van het SFK is gedaan in de categorie SSRI. Die worden wel relatief veel gebruikt voor depressies.

In het boek schatten ze het aantal langdurige gebruikers op ongeveer 300.000. Dat is iets lager dan de eerder genoemde 331.000 omdat zij uitgaan van 30% op een totaal van ongeveer 1 miljoen gebruikers in 2019. Zo komen ze op (hoogstens) 150.000 langdurige gebruikers met een depressie.

Direct weer gestopt

Het NOS-artikel komt dus op een lager cijfer uit, namelijk 250.000. Hoewel de berekening ook uitgaat van ongeveer 30% langdurig gebruik, wordt dit toegepast op een veel kleiner aantal van 800.000 gebruikers in plaats van de 1,1 miljoen in 2021. Het idee is dat je 300.000 patiënten helemaal buiten beschouwing moet laten omdat deze groep geen gebruik maakt van hun recept. Maar klopt dat wel?

Er is inderdaad onderzoek dat laat zien dat 28% van de gebruikers hun recept hoogstens één keer ophaalt. Dit is echter tegenstrijdig met de cijfers van het GIP en de SFK.

Er waren immers volgens de GIP 540.000 patiënten met minstens één recept voor een SSRI. Haal je daar 28% vanaf, dan kom je op ongeveer 390.000 mensen die minstens twee keer gebruikmaken van hun recept. Dat is veel lager dan de door het SFK gerapporteerde 480.000 gebruikers die zelfs minimaal drie recepten ophalen.

Gaan we er toch vanuit dat 28% het recept niet gebruikt, dan kunnen we doorrekenen met de groep van 72% die hun recept daadwerkelijk ophaalt. Zou daarvan 30% langdurig gebruiken, dan kom je op ongeveer 235.000. Dit is goed vergelijkbaar met de 250.000 die de NOS noemt.

Langdurig gebruik

Tot slot is het de vraag hoeveel het zegt als je alleen kijkt naar aaneengesloten gebruik van één of twee jaar. De SFK houdt rekening met korte onderbrekingen die bij elkaar opgeteld niet langer dan 3 maanden mogen duren. Langere onderbrekingen worden dus niet meegenomen. 

Als we even rekenen met de bestaande cijfers zien we het volgende. Antidepressiva worden vrijwel nooit aan kinderen van 14 of jonger voorgeschreven. Dan hou je in Nederland ongeveer 15 miljoen mensen over van 15 jaar of ouder. Als er dan 800.000 tot 850.000 mensen “kortdurend” gebruiken, moeten alle Nederlanders binnen een paar decennia minstens één keer een antidepressivum voorgeschreven krijgen. Dat is niet erg waarschijnlijk. Het lijkt er dus op dat een groter deel van de patiënten over langere periode gebruikmaakt van antidepressiva, zij het dan niet in een vastgestelde aaneengesloten periode.

Conclusie

De claim dat 250.000 Nederlanders langdurig antidepressiva gebruiken zou kunnen kloppen, maar zeker is dat niet. Het aantal is niet precies bekend doordat het cijfer gebaseerd is op een combinatie van schattingen. Het kunnen er zomaar 80.000 meer zijn. Afhankelijk van de aannames die je doet, ligt het aantal tussen de 235.000 en 330.000.

Aafko Boonstra

Aafko Boonstra

Redacteur

Aafko Boonstra is redacteur en factchecker voor Nieuwscheckers. Hij studeerde wiskunde aan de Universiteit Leiden en is nu promovendus aan …
Profiel-pagina