Foto: Pexels (CC0).
Milieuzones afschaffen? Niet op basis van deze opgepoetste cijfers
15 maart 2017 Bente Schreurs
Student master Journalistiek en Nieuwe Media, Universiteit Leiden (2016/2017).

Het radioprogramma Dit is de Dag (Radio 1) nam Barbara Visser, VVD-kamerlid en woordvoerder verkeer, mee naar Utrecht, naar de eerste milieuzone in Nederland. Visser pleit voor een landelijk verbod op milieuzones en stelt dat het huidige beleid voor schonere lucht werkt: “De uitstoot is met bijna 80 procent afgenomen.’’ Gaat het inderdaad zo goed met de schone lucht?

Milieuzones zijn plekken in steden waar je alleen welkom bent met een weinig vervuilende auto, brommer of scooter. Voldoet je voertuig niet aan deze vereisten, dan riskeer je een fikse boete. Utrecht en Rotterdam hebben al milieuzones, onder meer Amsterdam en Leiden volgen nog.

Welke uitstoot?

Barbara Visser spreekt in Dit Is De Dag over het Europees bronbeleid. Wat houdt dit in? De Europese Unie heeft strengere normen vastgesteld voor nieuwe auto- en vrachtwagenmotoren. Dieselvoertuigen stoten bijvoorbeeld veel fijnstof uit. Sinds 2015 zijn daarom roetfilters verplicht. Dit is een van de maatregelen die moeten leiden tot een minder grote uitstoot van schadelijke stoffen, zoals fijnstof, stikstof en CO2.

Volgens Visser heeft dit beleid zijn vruchten afgeworpen en is een milieuzone dus niet nodig:

“Sinds de jaren ‘90 is het verkeer met ruim 30 procent toegenomen, maar de uitstoot is met bijna 80 procent afgenomen.’’

Het eerste klopt, blijkt uit het Compendium voor de Leefomgeving (CLO) van de Rijksoverheid. Het aantal voertuigkilometers is inderdaad toegenomen tussen 1990 en 2015, en wel met 34 procent. Maar hoe zit het met ‘de uitstoot’?

Allereerst is het belangrijk om vast te stellen om welke uitstoot het gaat. VVD-persvoorlichter Michiel Peters geeft een duidelijk antwoord: met ‘uitstoot’ bedoelt Visser fijnstof en stikstof. Maar zijn dit inderdaad alle vervuilende stoffen?

Jan Anne Annema, hoogleraar Transport Policy Analysis op de TU Delft en gespecialiseerd in het milieu: “Er kan niet zomaar van uitgegaan worden dat alle uitlaatgassen zoveel gedaald zijn. Uitlaatgassen bevatten namelijk een mengsel van allerlei verschillende stoffen. Fijnstof en stikstof dragen bij aan lokale luchtvervuiling, terwijl CO2 medeverantwoordelijk is voor klimaatverandering.’’

Uitstoot CO2 stijgt juist

Het is precies deze stof die Visser en Peters over het hoofd zien. Ook CO2 zit in uitlaatgassen. Annema benadrukt dat het absoluut niet zo is dat de ene stof belangrijker is dan de andere als het gaat om schone lucht. De uitstoot van fijnstof en stikstof heeft weliswaar de grootste invloed op de gezondheid, maar CO2 mag niet zomaar vergeten worden in een gesprek over milieuzones.

Hoe zit het dan met de uitstoot van deze stof? Tussen 1990 en 2015 is de totale uitstoot van CO2in het wegverkeer met 21,1 procent toegenomen.

Afwijkende percentages

Zelfs als CO2 niet meegenomen wordt, heeft Visser het fout. De politica heeft het bij Radio 1 over ‘de uitstoot’. In een toelichting schrijft haar woordvoerder dat het voor fijnstof gaat om bijna 90 procent. Voor stikstofoxiden zou het om 77 procent gaan.

Hij verwijst vervolgens naar de website van het CLO waar die getallen inderdaad te vinden zijn. Dit zijn echter de cijfers van de afname van de gemiddelde emissies per voertuigkilometer. Als we de emissie per kilometer kennen, moeten we ook kijken naar het gestegen aantal gereden kilometers. Immers, als er meer gereden wordt, dan doet dat een deel van die daling van de uitstoot per kilometer teniet. Waar we dus eigenlijk naar zouden moeten kijken, is de totale uitstoot van de stoffen.


Op basis van de bovenstaande gegevens kunnen we nog een belangrijke kanttekening maken. De waarden van fijnstof die de VVD gebruikt zijn enkel die van de uitlaatgassen. Bert van Wee, hoogleraar Transportbeleid op de TU in Delft, legt uit dat niet alleen uitlaatgassen fijnstof bevatten, maar ook bijvoorbeeld de slijtage en frictie van banden zorgen voor deze stof. Van Wee: “Mevrouw Visser shopt selectief in de cijfers: ze gebruikt de meest gunstige waarden en negeert de niet-verbrandingsemissies.’’

Als we de emissie van niet-uitlaatgassen meenemen in de rekensom, komen we voor fijnstof uit op een afname van de emissie per kilometer van 79,8 procent. Dat is bijna 10 procent minder dan het percentage dat Visser als bron gebruikt. Als die waarde dan weer omgerekend wordt naar de totale uitstoot van fijnstof door het wegverkeer komen we op een afname van 73 procent. De afname van de totale hoeveelheid stikstofoxiden is nog iets lager: 70 procent.   ?   Dit zijn waarden die ook te vinden zijn in de grafiek op de website van het CLO

Het verbod op milieuzones lijkt tot dusver niet van de grond te komen. Ondanks moties van Visser voerde Rotterdam de milieuzone vorig jaar gewoon in. Utrecht zal de milieuzone niet stopzetten. Wat Visser wel heeft bereikt, is het tegengaan van het landelijke verkeersbord voor milieuzones. Daardoor blijven de borden die de steden gebruiken om de regels van milieuzones aan te geven er overal anders uit zien.

Conclusie

Volgens Visser werkt het Europees bronbeleid: door strengere normen stoten auto’s minder schadelijke stoffen uit. De emissie van stikstof en fijnstof is per gereden kilometer inderdaad gedaald.  Een positieve ontwikkeling, die Nieuwscheckers gelukkig niet hoeft te ontkrachten. De emissie van stikstof is met 77 procent gedaald, maar de bewering over een afname van ‘bijna 90 procent’ negeert een belangrijke zaak, namelijk de niet-uitlaatgassen. Dit is een deel van het fijnstof waar het verkeer verantwoordelijk voor is. ‘Bijna 80 procent’ was een eerlijker verhaal van Visser geweest.

Maar: er is ook meer gereden. De cijfers van de totale emissie zijn daarom van groter belang, en die klinken minder gunstig: respectievelijk een daling van 70 en 73 procent.  Bovendien wordt de stof die verantwoordelijk is voor klimaatverandering – CO2 – niet genoemd. De uitstoot van dit gas is sinds 1990 zelfs gestegen: met 21,1 procent. Deze percentages laat de VVD kennelijk liever achterwege.